|
|
Sinds de prehistorie hebben mensen geprobeerd middelen te bedenken waarmee ze op een betrouwbare
manier van A naar B konden komen, om te navigeren dus.
Navigeren is het geheel van handelingen dat zorgt dat je gericht van A naar B gaat,
en onderweg ook weet hoever je daarmee al gevorderd bent. Vaak zul je
ook graag willen weten hoe lang het nog duurt voor je in B bent. Bij navigeren kun je
navigatie hulpmiddelen gebruiken.
Om dat doel te bereiken moet je dus weten:
- je vertrekpunt (A)
- je doel (B)
- je huidige positie (ergens tussen A en B in)
- de richting of koers die je moet volgen om in B te komen
- de nog resterende afstand naar B
- je snelheid
Klinkt ingewikkeld? Wel, als je dat nu denkt, is navigeren waarschijnlijk veel eenvoudiger
dan je denkt.
Bijna iedereen houdt zich dagelijks bezig met navigeren. Stel je maar eens voor dat je
over de snelweg een ritje maakt van Den Haag naar Amsterdam.
Vanuit Den Haag volg je het ANWB-bord dat je de snelweg naar Amsterdam wijst. Onderweg kom
je langs Leiden en zie je weer een bord dat je de nog resterende afstand naar Amsterdam
vertelt, zeg 30 km. Op je snelheidsmeter zie je dat je 120 km/u rijdt. Bij deze snelheid kun
je dus in een kwartier in Amsterdam zijn.
Je wist dus wat je vertrekpunt was (Den Haag), wat je doel was (Amsterdam). Onderweg weet je
wat je huidige positie was (Leiden), welke koers je moest volgen en welke afstand nog resteerde
(stond op het ANWB bord, een navigatie hulpmiddel). Met hulp van je snelheidsmeter
(alweer een navigatiehulpmiddel) kon je uitrekenen hoe lang je er nog over zou doen
in Amsterdam te komen.
Ook al was je er misschien niet zo bewust mee bezig, je hebt wel degelijk genavigeerd. Er zijn
talloze manieren en middelen, varierend van heel grof tot heel nauwkeurig, varierend van
"gratis" tot peperduur die je kunnen helpen met navigeren.

Een paar voorbeelden:
- Met behulp van de zon en je horloge kun je een grove schatting maken waar het zuiden ligt.
- Met een kompas kun je hetzelfde, maar dan wat nauwkeuriger.
- Met hulp van een kaart en een orientatie op de omgeving kun je bepalen wat je huidige positie is.
- Uiteraard kun je de informatie van kaart en kompas combineren.
- Met behulp van een sextant ("zonnetje schieten of sterretje schieten") en een nauwkeurige klok
konden zeelieden in vroeger tijden redelijk nauwkeurig hun positie bepalen.
En tegenwoordig is er dan de GPS. De eenvoud waarmee je met een GPS naar "punt B" navigeert is
zo goed, dat alle bovenstaande middelen daarmee vergeleken prehistorie zijn geworden.
Op het plaatje hiernaast zie je een voorbeeld van zo'n punt B (CABIN). De hut waarnaar
deze GPS gebruiker blijkbaar onderweg is, is nog 1,73 mijl in west noord westelijke richting
(305 graden) van hem verwijderd.
Ook kun je zien met welke snelheid de gebruiker beweegt: 20 mijl/uur, het gaat hier dus kennelijk
niet om een wandelaar. Ook kun je zien dat bij
deze snelheid de GPS gebruiker nog 5 minuten en 12 seconden nodig zal hebben om bij de
CABIN aan te komen. Je kunt overigens de snelheden en afstanden ook in kilometers en meters
laten weergeven.
Als je de routes op deze site loopt, dan loop je van punt naar punt. Iedere keer wanneer je
een punt uit de GPS route gepasseerd bent laat je GPS het volgende punt zien, wijst je daarheen
en laat je zien wat je afstand nog is, etc.
Zo navigeer je door je wandelroute. Het klinkt een beetje gewichtig misschien, dat woord
navigeren, maar het komt er dus eigenlijk met een GPS gewoon op neer dat je "het pijltje achterna loopt".
Verdwalen is voltooid verleden tijd.
terug
|

verder
|
|
|
|